Idcollege-welzijn.jouwweb.nl
Home » Algemene onderwerpen » Pedagogen » "Reggio Emilia"

"Reggio Emilia": "Loris Malaguzzi en de Italiaanse visie"

In deze pedagogiek ligt de nadruk op wat kinderen kunnen en niet op wat kinderen niet kunnen. Reggio Emilia is geen onderwijs-methode maar een filosofische benadering van het kind tot zes jaar.

 

Uitgangspunten

De methode van werken in deze centra ligt niet vast en is daarom  ook niet beschreven. Het is meer een visie of uitgangspunt met drie belangrijke aspecten:                                                                                              

• de ruimte is de belangrijkste factor, omdat deze met name kinderen uitdaagt om te onderzoeken en experimenteren;

• inspirerende materialen waarmee kinderen hun ideeën en interesses kunnen vormgeven;

• leidsters kijken en luisteren vooral en sluiten aan bij de ontwikkeling en ideeën van kinderen.

 

Kinderen hebben allemaal hun talenten en hebben de drang om dingen te onderzoeken. Als leidster richt je je daarom vooral op:

• de ontwikkeling van de eigen identiteit;

• zelfstandigheid;

• creatieve vaardigheid.

Bij Reggio Emilia staan de drie R’s voor: Ruimte, Respect en Respons.

 

Kenmerken

Kinderen kunnen zich vaak (nog) niet in woorden uitdrukken. Zij hebben echter wel honderd andere talen om zich uit te drukken. Het is van wezenlijk belang dat zij zich kúnnen uitdrukken en communiceren. Volwassenen hebben deze talen verleerd en moeten deze weer leren begrijpen. Zijn pedagogiek is er daarom op gericht de talen van kinderen te leren kennen en ontwikkelen, én te laten horen. De volwassenen creëren situaties waarin de kinderen zich kunnen laten horen.Goed kunnen kijken en luisteren is de belangrijkste eigenschap van een leidster. Het brengt je vanzelf op ideeën over wat je met de kinderen kunt doen. Kinderen worden zo heel serieus genomen. De leidsters zijn actief met de kinderen bezig: spelen met hen, praten met hen en helpen hen. Ze helpen de kinderen ook met het registreren van ervaringen, zodat daar later weer over gesproken kan worden. Foto’s zijn daarbij belangrijk. Zij hebben daarom altijd een camera bij de hand om belangrijke momenten of feiten vast te leggen.

 

Inrichting van de ruimten

Het gebruik van de ruimten en de inrichting van het gebouw is misschienwel het opvallendste aan de Reggio-methode.  De ruimte vormt een wezenlijk onderdeel van de pedagogiek. Zij moet voor een groot deel bijdragen aan de verwezenlijking van de doelen  en is daarom goed doordacht en aantrekkelijk. Bij de inrichting worden de leidsters bijgestaan door architecten en pedagogen. Volgens de visie van Reggio functioneren kinderen beter in kleine ruimten met een specifieke functie. Kinderen houden ook van afwisseling en hebben  veel verschillende behoeften. Er is daarom één grote centrale ruimte waar kinderen uit alle groepen elkaar kunnen ontmoeten en die binnen en buiten met elkaar verbindt.  De ruimte is licht en biedt veel verschillende mogelijkheden. 

 

Een artikel over Loris Malaguzzi, voorvechter van deze gedachten, vind je op: http://nl.wikipedia.org/wiki/Loris_Malaguzzi